Verbeterd stikstofadvies op basis van het bodemleven?

M. Hanegraaf, R. Bakker

Research output: Contribution to journalArticleProfessional

Abstract

In 2004 hebben NMI en Blgg een adviesproduct over het bodemleven ontwikkeld, dat onder de naam BFI (BacterialFungusIndicator) wordt eengeboden. De uitslag van een BFI-meting is in termen van ‘zeer laag’ tot ‘erg hoog’. Aan melkveehouders met een lage of zeer lage beoordeling wordt het advies gegeven om maatregelen te nemen die het bodemleven stimuleren. Het gaat hierbij steevast om maatregelen rondom het management van organische stof Een kant-en-klaar recept voor het stimule- 3 ren van het bodemleven is niet te geven, ook niet met BFI. Toch willen we het algemene advies van BFI graag concreter maken, te beginnen met één van de belangrijkste functies van het bodemleven: de stikstofmineralisatie. In 2005 is onderzocht of BFI informatie geeft over de wisselwerking tussen bodemleven en organische stof. Voor het onderzoek zijn op 7 Koeien & Kansen-bedrijven twee graslandpercelen bemonsterd. Naar inschatting van de veehouder betrof het steeds een perceel met een goede en één met matige bodemkwaliteit. In de grondmonsters is naast BFI ook de afbraaksnelheid van de organische stof en de potentiële stikstofmineralisatie bepaald. Een verband tussen BFI en deze twee parameters zou goed bruikbaar kunnen zijn, omdat de BFI-bepaling routinematig en kosteneffectief kan worden uitgevoerd. De range van elke parameter staat vermeld in tabel 1. De BFI is over het algemeen laag; bij slechts twee graslandpercelen kan worden gesproken van een goed bodemleven. Voor de afbraak van organische stof in grond wordt doorgaans het vuistgetal van 1600 – 2000 kg/ha aangehouden. Uit tabel 1 blijkt dat deze range in feite veel groter is. De leeftijd van de grasmat speelt hierbij een rol: in net ingezaaid grasland is de afbraaksnelheid hoger dan in blijvend gras. Uit tabel 1 blijkt ook een grote range in de potentiële stikstofmineralisatie. Vervolgens is geanalyseerd of deze gegevens met elkaar te maken hebben. Is BFI een afspiegeling van de afbraaksnelheid en/of de potentiële stikstofmineralisatie? Op de gegevens van slechts 14 percelen kun je moeilijk grote theorieën bouwen, maar het lijkt inderdaad zo te zijn dat er een bruikbaar verband is tussen BFI en de afbraaksnelheid van organische stof, en tussen BFI en de potentiële stikstofmineralisatie. U bent het vast met ons eens: we moeten dit eerst met meer zekerheid vaststellen voordat we de advisering op basis van BFI kunnen aanpassen. Maar hoopgevend is het wel.
Original languageDutch
Pages (from-to)3
JournalKoeien & Kansen Nieuwsbrief
Volume2006
Issue number23
Publication statusPublished - 2006
Externally publishedYes

Keywords

  • dairy farming
  • grassland management
  • soil biology
  • organic matter
  • nitrogen
  • mineralization
  • fertilizer application
  • soil quality

Cite this

Hanegraaf, M. ; Bakker, R. / Verbeterd stikstofadvies op basis van het bodemleven?. In: Koeien & Kansen Nieuwsbrief. 2006 ; Vol. 2006, No. 23. pp. 3.
@article{b41c0664325745ce94ac9b73c8c9f111,
title = "Verbeterd stikstofadvies op basis van het bodemleven?",
abstract = "In 2004 hebben NMI en Blgg een adviesproduct over het bodemleven ontwikkeld, dat onder de naam BFI (BacterialFungusIndicator) wordt eengeboden. De uitslag van een BFI-meting is in termen van ‘zeer laag’ tot ‘erg hoog’. Aan melkveehouders met een lage of zeer lage beoordeling wordt het advies gegeven om maatregelen te nemen die het bodemleven stimuleren. Het gaat hierbij steevast om maatregelen rondom het management van organische stof Een kant-en-klaar recept voor het stimule- 3 ren van het bodemleven is niet te geven, ook niet met BFI. Toch willen we het algemene advies van BFI graag concreter maken, te beginnen met {\'e}{\'e}n van de belangrijkste functies van het bodemleven: de stikstofmineralisatie. In 2005 is onderzocht of BFI informatie geeft over de wisselwerking tussen bodemleven en organische stof. Voor het onderzoek zijn op 7 Koeien & Kansen-bedrijven twee graslandpercelen bemonsterd. Naar inschatting van de veehouder betrof het steeds een perceel met een goede en {\'e}{\'e}n met matige bodemkwaliteit. In de grondmonsters is naast BFI ook de afbraaksnelheid van de organische stof en de potenti{\"e}le stikstofmineralisatie bepaald. Een verband tussen BFI en deze twee parameters zou goed bruikbaar kunnen zijn, omdat de BFI-bepaling routinematig en kosteneffectief kan worden uitgevoerd. De range van elke parameter staat vermeld in tabel 1. De BFI is over het algemeen laag; bij slechts twee graslandpercelen kan worden gesproken van een goed bodemleven. Voor de afbraak van organische stof in grond wordt doorgaans het vuistgetal van 1600 – 2000 kg/ha aangehouden. Uit tabel 1 blijkt dat deze range in feite veel groter is. De leeftijd van de grasmat speelt hierbij een rol: in net ingezaaid grasland is de afbraaksnelheid hoger dan in blijvend gras. Uit tabel 1 blijkt ook een grote range in de potenti{\"e}le stikstofmineralisatie. Vervolgens is geanalyseerd of deze gegevens met elkaar te maken hebben. Is BFI een afspiegeling van de afbraaksnelheid en/of de potenti{\"e}le stikstofmineralisatie? Op de gegevens van slechts 14 percelen kun je moeilijk grote theorie{\"e}n bouwen, maar het lijkt inderdaad zo te zijn dat er een bruikbaar verband is tussen BFI en de afbraaksnelheid van organische stof, en tussen BFI en de potenti{\"e}le stikstofmineralisatie. U bent het vast met ons eens: we moeten dit eerst met meer zekerheid vaststellen voordat we de advisering op basis van BFI kunnen aanpassen. Maar hoopgevend is het wel.",
keywords = "melkveehouderij, graslandbeheer, bodembiologie, organische stof, stikstof, mineralisatie, bemesting, bodemkwaliteit, dairy farming, grassland management, soil biology, organic matter, nitrogen, mineralization, fertilizer application, soil quality",
author = "M. Hanegraaf and R. Bakker",
year = "2006",
language = "Dutch",
volume = "2006",
pages = "3",
journal = "Nieuwsbrief Koeien & Kansen",
number = "23",

}

Hanegraaf, M & Bakker, R 2006, 'Verbeterd stikstofadvies op basis van het bodemleven?', Koeien & Kansen Nieuwsbrief, vol. 2006, no. 23, pp. 3.

Verbeterd stikstofadvies op basis van het bodemleven? / Hanegraaf, M.; Bakker, R.

In: Koeien & Kansen Nieuwsbrief, Vol. 2006, No. 23, 2006, p. 3.

Research output: Contribution to journalArticleProfessional

TY - JOUR

T1 - Verbeterd stikstofadvies op basis van het bodemleven?

AU - Hanegraaf, M.

AU - Bakker, R.

PY - 2006

Y1 - 2006

N2 - In 2004 hebben NMI en Blgg een adviesproduct over het bodemleven ontwikkeld, dat onder de naam BFI (BacterialFungusIndicator) wordt eengeboden. De uitslag van een BFI-meting is in termen van ‘zeer laag’ tot ‘erg hoog’. Aan melkveehouders met een lage of zeer lage beoordeling wordt het advies gegeven om maatregelen te nemen die het bodemleven stimuleren. Het gaat hierbij steevast om maatregelen rondom het management van organische stof Een kant-en-klaar recept voor het stimule- 3 ren van het bodemleven is niet te geven, ook niet met BFI. Toch willen we het algemene advies van BFI graag concreter maken, te beginnen met één van de belangrijkste functies van het bodemleven: de stikstofmineralisatie. In 2005 is onderzocht of BFI informatie geeft over de wisselwerking tussen bodemleven en organische stof. Voor het onderzoek zijn op 7 Koeien & Kansen-bedrijven twee graslandpercelen bemonsterd. Naar inschatting van de veehouder betrof het steeds een perceel met een goede en één met matige bodemkwaliteit. In de grondmonsters is naast BFI ook de afbraaksnelheid van de organische stof en de potentiële stikstofmineralisatie bepaald. Een verband tussen BFI en deze twee parameters zou goed bruikbaar kunnen zijn, omdat de BFI-bepaling routinematig en kosteneffectief kan worden uitgevoerd. De range van elke parameter staat vermeld in tabel 1. De BFI is over het algemeen laag; bij slechts twee graslandpercelen kan worden gesproken van een goed bodemleven. Voor de afbraak van organische stof in grond wordt doorgaans het vuistgetal van 1600 – 2000 kg/ha aangehouden. Uit tabel 1 blijkt dat deze range in feite veel groter is. De leeftijd van de grasmat speelt hierbij een rol: in net ingezaaid grasland is de afbraaksnelheid hoger dan in blijvend gras. Uit tabel 1 blijkt ook een grote range in de potentiële stikstofmineralisatie. Vervolgens is geanalyseerd of deze gegevens met elkaar te maken hebben. Is BFI een afspiegeling van de afbraaksnelheid en/of de potentiële stikstofmineralisatie? Op de gegevens van slechts 14 percelen kun je moeilijk grote theorieën bouwen, maar het lijkt inderdaad zo te zijn dat er een bruikbaar verband is tussen BFI en de afbraaksnelheid van organische stof, en tussen BFI en de potentiële stikstofmineralisatie. U bent het vast met ons eens: we moeten dit eerst met meer zekerheid vaststellen voordat we de advisering op basis van BFI kunnen aanpassen. Maar hoopgevend is het wel.

AB - In 2004 hebben NMI en Blgg een adviesproduct over het bodemleven ontwikkeld, dat onder de naam BFI (BacterialFungusIndicator) wordt eengeboden. De uitslag van een BFI-meting is in termen van ‘zeer laag’ tot ‘erg hoog’. Aan melkveehouders met een lage of zeer lage beoordeling wordt het advies gegeven om maatregelen te nemen die het bodemleven stimuleren. Het gaat hierbij steevast om maatregelen rondom het management van organische stof Een kant-en-klaar recept voor het stimule- 3 ren van het bodemleven is niet te geven, ook niet met BFI. Toch willen we het algemene advies van BFI graag concreter maken, te beginnen met één van de belangrijkste functies van het bodemleven: de stikstofmineralisatie. In 2005 is onderzocht of BFI informatie geeft over de wisselwerking tussen bodemleven en organische stof. Voor het onderzoek zijn op 7 Koeien & Kansen-bedrijven twee graslandpercelen bemonsterd. Naar inschatting van de veehouder betrof het steeds een perceel met een goede en één met matige bodemkwaliteit. In de grondmonsters is naast BFI ook de afbraaksnelheid van de organische stof en de potentiële stikstofmineralisatie bepaald. Een verband tussen BFI en deze twee parameters zou goed bruikbaar kunnen zijn, omdat de BFI-bepaling routinematig en kosteneffectief kan worden uitgevoerd. De range van elke parameter staat vermeld in tabel 1. De BFI is over het algemeen laag; bij slechts twee graslandpercelen kan worden gesproken van een goed bodemleven. Voor de afbraak van organische stof in grond wordt doorgaans het vuistgetal van 1600 – 2000 kg/ha aangehouden. Uit tabel 1 blijkt dat deze range in feite veel groter is. De leeftijd van de grasmat speelt hierbij een rol: in net ingezaaid grasland is de afbraaksnelheid hoger dan in blijvend gras. Uit tabel 1 blijkt ook een grote range in de potentiële stikstofmineralisatie. Vervolgens is geanalyseerd of deze gegevens met elkaar te maken hebben. Is BFI een afspiegeling van de afbraaksnelheid en/of de potentiële stikstofmineralisatie? Op de gegevens van slechts 14 percelen kun je moeilijk grote theorieën bouwen, maar het lijkt inderdaad zo te zijn dat er een bruikbaar verband is tussen BFI en de afbraaksnelheid van organische stof, en tussen BFI en de potentiële stikstofmineralisatie. U bent het vast met ons eens: we moeten dit eerst met meer zekerheid vaststellen voordat we de advisering op basis van BFI kunnen aanpassen. Maar hoopgevend is het wel.

KW - melkveehouderij

KW - graslandbeheer

KW - bodembiologie

KW - organische stof

KW - stikstof

KW - mineralisatie

KW - bemesting

KW - bodemkwaliteit

KW - dairy farming

KW - grassland management

KW - soil biology

KW - organic matter

KW - nitrogen

KW - mineralization

KW - fertilizer application

KW - soil quality

M3 - Article

VL - 2006

SP - 3

JO - Nieuwsbrief Koeien & Kansen

JF - Nieuwsbrief Koeien & Kansen

IS - 23

ER -