Roofwantsen tegen trips in chrysant: Orius majusculus en Orius niger

A. van der Linden, M. van der Staaij

    Research output: Book/ReportReportProfessional

    Abstract

    Referaat Roofwantsen, Orius spp. kunnen behalve tripsnimfen ook volwassen trips eten. Omdat Orius niger volgens verschillende auteurs niet gevoelig zou zijn voor korte daglengte, waarbij sommige Orius soorten stoppen met eileg, werden deze roofwantsen buiten verzameld en in kweek genomen. Het kweken op peulen van sperzieboon of stengeldelen van bijvoet met eieren van Ephestia lukte onvoldoende. Het kweken lukte beter op planten waaronder Artemisia vulgaris en Amaranthus caudatus, maar toch onvoldoende voor een goedlopende kweek. In een kas met chrysant werd daarom tussen eind februari en begin april Orius majusculus losgelaten. Deze soort kon zich tot in oktober in opeenvolgende en overlappende plantingen van chrysant handhaven. Behalve trips werd ook bladluis gegeten. Het aantal trips op de planten bleef in de zomer lager dan 1 trips adult of nimf per tak. Er waren slechts onduidelijke symptomen van trips op de bladeren te zien. Waarschijnlijk was de behaalde dichtheid van 1 Orius nimf of adult per 5 takken het maximaal haalbare bij deze aantallen trips. In het najaar liep het aantal trips, zowel Frankliniella occidentalis als Echinothrips americanus, op. Orius majusculus bleek een groot deel van het jaar succesvol volwassen trips en trips nimfen te eten in chrysant. Abstract Minute pirate bugs, Orius spp., are able to prey on both nymphs and adults of thrips. Orius niger was collected outdoors in order to set up a rearing. This species would not be subject to reproductive diapause according to several authors. Rearing on bean pods or pieces of stem of Artemisia vulgaris with eggs of Ephestia was not very successful. Rearing on plants such as Artemisia vulgaris or Amaranthus caudatus succeeded better, but still insufficient. Instead of Orius niger, Orius majusculus was released in a greenhouse planted with chrysanthemum between the end of February and the beginning of April. This species reproduced in subsequent and overlapping plantings of chrysanthemum until October. They preyed both on thrips and apids. During summer the number of thrips was less than 1 adult or nymph per plant. The thrips symptoms on the leaves were indistinct. The number of 1 Orius nymph or adult per 5 plants was probably the maximal achievable number in relation with this number of thrips. In autumn the number of thrips, both Frankliniella occidentalis and Echinothrips americanus increased. Orius majusculus was successful in predating both adult thrips and nymphs during most of the year.
    Original languageDutch
    Place of PublicationBleiswijk
    PublisherWageningen UR Glastuinbouw
    Number of pages23
    Publication statusPublished - 2011

    Publication series

    NameRapporten GTB
    PublisherWageningen UR Glastuinbouw
    No.1147

    Keywords

    • biological control
    • chrysanthemum
    • orius
    • thrips
    • culture techniques
    • greenhouse horticulture
    • netherlands

    Cite this