Natural handicaps in Dutch agricultural areas : assessment of less favoured areas based on economic criteria

Research output: Book/ReportReportProfessional

Abstract

Smit en Brouwer (2009) hebben bodems met een landbouwkundige handicap geselecteerd aan de hand van biofysische criteria. De relevante biofysische criteria waren gerelateerd aan bodemeigenschappen: drainage, textuur, aanwezigheid van stenen en chemische eigenschappen. Textuur en aanwezigheid van stenen zijn onderverdeeld in verschillende klassen: grof materiaal, grof en middelgrof zand, zware klei, veengronden, zwel en krimpverschijnselen en het opkomen van stenen uit de ondergrond. Verzilting is de enige chemische eigenschap die relevant is voor Nederland. Naast een selectie van gebieden op grond van biofysische eigenschappen, moet ook een verfijnde selectie worden uitgevoerd. Deze verfijnde selectie is gebaseerd op de verschillen in saldo per hectare tussen gebieden met en zonder de landbouwkundige gevolgen van de biofysische eigenschappen. De belangrijkste landbouwkundige gevolgen voor de verschillende categorieën waren de gevoeligheid voor winderosie bij grof en middelgrof zand; de beperkingen van de bewerkbaarheid van de grond en de beperkingen in het bouwplan op de zware kleigronden en lagere netto productie en de onmogelijkheid om maïs te verbouwen op veengronden
Original languageEnglish
Place of PublicationLelystad
PublisherWageningen UR Livestock Research
Publication statusPublished - 2011

Publication series

NameRapport / Wageningen UR Livestock Research
PublisherWageningen UR Livestock Research
No.443
ISSN (Print)1570-8616

Keywords

  • sandy soils
  • wind erosion
  • clay
  • tillage
  • crop yield
  • inventories
  • economic aspects

Cite this