Mogelijke oorzaken van van verschillen in houdbaarheid in snijhyacint Delft Blue

P.J.M. Vreeburg, C.A. Korsuize

    Research output: Book/ReportReportProfessional

    Abstract

    De cultivar ‘Delft Blue’ is de belangrijkste snijhyacint. De presentatie van Delft Blue in knopstadium is erg goed door veelal dikke trossen met veel nagels, die goed blauw kleuren. De ervaring is echter dat deze cultivar op de vaas tegen kan vallen doordat de steel de zware bloemtros niet kan dragen en de steel omknikt. Ook het blad is soms erg slap. Uitbloeiproeven, genomen door FloraHolland in 2006, gaven grote verschillen tussen partijen in de lengte van de houdbaarheid te zien. Ook in PPO-onderzoek in 2006 werd een tegenvallende uitbloei van Delft Blue waargenomen. De houdbaarheid nam bovendien sterk af in de loop van het voorjaar. De consument zou vanwege wisselende en tegenvallende uitbloei op de vaas minder Delft Blue kunnen gaan kopen, maar ook minder snijhyacinten in het algemeen. Omdat er ook goede resultaten waren, werd onderzoek gestart naar de oorzaak van deze verschillen. Daartoe werden 2x februari en 1x in maart bij 16 broeiers Delft Blue opgehaald om daarvan de houdbaarheid te bepalen. Ook FloraHolland in Rijnsburg heeft tegelijkertijd monsters vanuit de aanvoer gehaald. Van de broeiers werd informatie verkregen over de partij met betrekking tot de koel- en broeiwijze. Daarnaast werden mineralengehaltes bepaald in het aangevoerde product. Bevestigd werd dat Delft Blue op de vaas veel knikkende stelen en slap en/of geel blad laat zien. Tussen de aanvoerders onderling, tussen de 3 monsterdata, tussen de resultaten op PPO en die op FloraHolland en tussen de resultaten per aanvoerder van 2006 en 2007 op FloraHolland, bestonden veelal grote verschillen. Slechts een enkele aanvoerder was telkens “goed” dan wel “slecht”. De vele informatie van de broeiers en van de mineralenanalyse heeft geen duidelijke oorzaken aangegeven van deze verschillen. De houdbaarheid werd blijkbaar vooral bepaald door de cultivar en mogelijk door een complex van factoren. Beperkte algemene invloeden werden wel gezien. Dikkere trossen, langere planten, geen bolbodem en veel blad hadden vaak een negatieve invloed op de uitbloei, doordat meer knikstelen ontstonden en het blad eerder slap werd. Een vuiler aangevoerd gewas met niet afgefreesde bolbodems en zonder te spoelen gaf vaker vies vaaswater en daarmee vooral meer kans op bladvergeling.
    Original languageDutch
    Place of PublicationLisse
    PublisherPraktijkonderzoek Plant & Omgeving, Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit
    Number of pages61
    Publication statusPublished - 2007

    Keywords

    • hyacinthus
    • forcing
    • cut flowers
    • keeping quality
    • ornamental bulbs

    Cite this