Komkommerbontvirus en overdracht via insecten

I. Stijger, R. Hamelink

Research output: Book/ReportReportProfessional

Abstract

Bekend is dat komkommerbontvirus (cucumber green mottle mosaic virus, CGMMV) via mechanische overdracht en zaad kan worden verspreid. Via de vele gewashandelingen die door mensen worden uitgevoerd is overdracht van het virus mogelijk van plant naar plant. Een vraag die regelmatig wordt gesteld is of insecten in staat zijn het virus over te brengen. Vooral stekende en/of zuigende insecten kunnen in staat zijn om plantenvirussen over te brengen. Dit kan op een non-persistente manier, dit wil zeggen dat een insect het virus van een plant kan opnemen en gelijk weer afgeven op een andere plant. Is deze plant geen waardplant voor het virus dan zal het insect na het aanprikken van de plant gelijk weer ‘virusvrij’ zijn. Bij een persistente wijze wordt het virus in een insect opgenomen en kan het virus na een bepaalde periode pas weer worden afgegeven aan een andere plant. Het insect is dan gedurende langere tijd in staat om virussen van de ene naar de andere plant te brengen. Uit de literatuur met betrekking tot komkommerbontvirus is nauwelijks onderzoek bekend waarbij werkelijk is gekeken naar de overdracht door verschillende insecten. Voor zover nu bekend is een onderzoek van Inouye uit 1967 een van de weinige waarin is nagegaan wat de rol van de bladluizen Myzus persicae en Aphis gossypii is bij de overdracht van komkommerbontvirus. In dat onderzoek kon geen overdacht worden vastgesteld. Trips is een veelvoorkomend insect in de komkommerteelt en is ook bekend als vector van virussen die tot de Tospo-groep behoren. Een voorbeeld hiervan is tomatenbronsvlekkenvirus, maar komkommer is geen waardplant voor dit virus. Of trips komkommerbontvirus zou kunnen overbrengen is niet bekend. Net als bladluizen en trips is ook (kas) witte vlieg bekend als een vector van plantenvirussen. Deze insecten zijn dan ook in het onderzoek worden meegenomen. In een eerder uitgevoerd onderzoek bij tomaten is vastgesteld dat hommels in staat zijn om het pepinomozaïekvirus te verspreiden van plant naar plant. Echter hommels worden niet ingezet in de komkommer teelt en zijn daarom niet meegenomen in dit onderzoek.
Original languageDutch
Place of PublicationBleiswijk
PublisherWageningen UR Glastuinbouw
Number of pages18
Publication statusPublished - 2013

Publication series

NameRapport GTB
PublisherWageningen UR Glastuinbouw
No.1275

Keywords

  • cucumber green mottle mosaic virus
  • plant diseases
  • host plants
  • cucumis sativus
  • cucumbers
  • entomopathogens
  • plant protection
  • disease vectors
  • greenhouse horticulture
  • agricultural research

Cite this

Stijger, I., & Hamelink, R. (2013). Komkommerbontvirus en overdracht via insecten. (Rapport GTB; No. 1275). Bleiswijk: Wageningen UR Glastuinbouw.
Stijger, I. ; Hamelink, R. / Komkommerbontvirus en overdracht via insecten. Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw, 2013. 18 p. (Rapport GTB; 1275).
@book{4294ed25ceab421c9a8411e842bda936,
title = "Komkommerbontvirus en overdracht via insecten",
abstract = "Bekend is dat komkommerbontvirus (cucumber green mottle mosaic virus, CGMMV) via mechanische overdracht en zaad kan worden verspreid. Via de vele gewashandelingen die door mensen worden uitgevoerd is overdracht van het virus mogelijk van plant naar plant. Een vraag die regelmatig wordt gesteld is of insecten in staat zijn het virus over te brengen. Vooral stekende en/of zuigende insecten kunnen in staat zijn om plantenvirussen over te brengen. Dit kan op een non-persistente manier, dit wil zeggen dat een insect het virus van een plant kan opnemen en gelijk weer afgeven op een andere plant. Is deze plant geen waardplant voor het virus dan zal het insect na het aanprikken van de plant gelijk weer ‘virusvrij’ zijn. Bij een persistente wijze wordt het virus in een insect opgenomen en kan het virus na een bepaalde periode pas weer worden afgegeven aan een andere plant. Het insect is dan gedurende langere tijd in staat om virussen van de ene naar de andere plant te brengen. Uit de literatuur met betrekking tot komkommerbontvirus is nauwelijks onderzoek bekend waarbij werkelijk is gekeken naar de overdracht door verschillende insecten. Voor zover nu bekend is een onderzoek van Inouye uit 1967 een van de weinige waarin is nagegaan wat de rol van de bladluizen Myzus persicae en Aphis gossypii is bij de overdracht van komkommerbontvirus. In dat onderzoek kon geen overdacht worden vastgesteld. Trips is een veelvoorkomend insect in de komkommerteelt en is ook bekend als vector van virussen die tot de Tospo-groep behoren. Een voorbeeld hiervan is tomatenbronsvlekkenvirus, maar komkommer is geen waardplant voor dit virus. Of trips komkommerbontvirus zou kunnen overbrengen is niet bekend. Net als bladluizen en trips is ook (kas) witte vlieg bekend als een vector van plantenvirussen. Deze insecten zijn dan ook in het onderzoek worden meegenomen. In een eerder uitgevoerd onderzoek bij tomaten is vastgesteld dat hommels in staat zijn om het pepinomoza{\"i}ekvirus te verspreiden van plant naar plant. Echter hommels worden niet ingezet in de komkommer teelt en zijn daarom niet meegenomen in dit onderzoek.",
keywords = "komkommerbontvirus, plantenziekten, waardplanten, cucumis sativus, komkommers, insectenpathogenen, gewasbescherming, vectoren, ziekten, glastuinbouw, landbouwkundig onderzoek, cucumber green mottle mosaic virus, plant diseases, host plants, cucumis sativus, cucumbers, entomopathogens, plant protection, disease vectors, greenhouse horticulture, agricultural research",
author = "I. Stijger and R. Hamelink",
note = "Projectnr.: 3242144200. - PT nr.: 14699",
year = "2013",
language = "Dutch",
series = "Rapport GTB",
publisher = "Wageningen UR Glastuinbouw",
number = "1275",

}

Stijger, I & Hamelink, R 2013, Komkommerbontvirus en overdracht via insecten. Rapport GTB, no. 1275, Wageningen UR Glastuinbouw, Bleiswijk.

Komkommerbontvirus en overdracht via insecten. / Stijger, I.; Hamelink, R.

Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw, 2013. 18 p. (Rapport GTB; No. 1275).

Research output: Book/ReportReportProfessional

TY - BOOK

T1 - Komkommerbontvirus en overdracht via insecten

AU - Stijger, I.

AU - Hamelink, R.

N1 - Projectnr.: 3242144200. - PT nr.: 14699

PY - 2013

Y1 - 2013

N2 - Bekend is dat komkommerbontvirus (cucumber green mottle mosaic virus, CGMMV) via mechanische overdracht en zaad kan worden verspreid. Via de vele gewashandelingen die door mensen worden uitgevoerd is overdracht van het virus mogelijk van plant naar plant. Een vraag die regelmatig wordt gesteld is of insecten in staat zijn het virus over te brengen. Vooral stekende en/of zuigende insecten kunnen in staat zijn om plantenvirussen over te brengen. Dit kan op een non-persistente manier, dit wil zeggen dat een insect het virus van een plant kan opnemen en gelijk weer afgeven op een andere plant. Is deze plant geen waardplant voor het virus dan zal het insect na het aanprikken van de plant gelijk weer ‘virusvrij’ zijn. Bij een persistente wijze wordt het virus in een insect opgenomen en kan het virus na een bepaalde periode pas weer worden afgegeven aan een andere plant. Het insect is dan gedurende langere tijd in staat om virussen van de ene naar de andere plant te brengen. Uit de literatuur met betrekking tot komkommerbontvirus is nauwelijks onderzoek bekend waarbij werkelijk is gekeken naar de overdracht door verschillende insecten. Voor zover nu bekend is een onderzoek van Inouye uit 1967 een van de weinige waarin is nagegaan wat de rol van de bladluizen Myzus persicae en Aphis gossypii is bij de overdracht van komkommerbontvirus. In dat onderzoek kon geen overdacht worden vastgesteld. Trips is een veelvoorkomend insect in de komkommerteelt en is ook bekend als vector van virussen die tot de Tospo-groep behoren. Een voorbeeld hiervan is tomatenbronsvlekkenvirus, maar komkommer is geen waardplant voor dit virus. Of trips komkommerbontvirus zou kunnen overbrengen is niet bekend. Net als bladluizen en trips is ook (kas) witte vlieg bekend als een vector van plantenvirussen. Deze insecten zijn dan ook in het onderzoek worden meegenomen. In een eerder uitgevoerd onderzoek bij tomaten is vastgesteld dat hommels in staat zijn om het pepinomozaïekvirus te verspreiden van plant naar plant. Echter hommels worden niet ingezet in de komkommer teelt en zijn daarom niet meegenomen in dit onderzoek.

AB - Bekend is dat komkommerbontvirus (cucumber green mottle mosaic virus, CGMMV) via mechanische overdracht en zaad kan worden verspreid. Via de vele gewashandelingen die door mensen worden uitgevoerd is overdracht van het virus mogelijk van plant naar plant. Een vraag die regelmatig wordt gesteld is of insecten in staat zijn het virus over te brengen. Vooral stekende en/of zuigende insecten kunnen in staat zijn om plantenvirussen over te brengen. Dit kan op een non-persistente manier, dit wil zeggen dat een insect het virus van een plant kan opnemen en gelijk weer afgeven op een andere plant. Is deze plant geen waardplant voor het virus dan zal het insect na het aanprikken van de plant gelijk weer ‘virusvrij’ zijn. Bij een persistente wijze wordt het virus in een insect opgenomen en kan het virus na een bepaalde periode pas weer worden afgegeven aan een andere plant. Het insect is dan gedurende langere tijd in staat om virussen van de ene naar de andere plant te brengen. Uit de literatuur met betrekking tot komkommerbontvirus is nauwelijks onderzoek bekend waarbij werkelijk is gekeken naar de overdracht door verschillende insecten. Voor zover nu bekend is een onderzoek van Inouye uit 1967 een van de weinige waarin is nagegaan wat de rol van de bladluizen Myzus persicae en Aphis gossypii is bij de overdracht van komkommerbontvirus. In dat onderzoek kon geen overdacht worden vastgesteld. Trips is een veelvoorkomend insect in de komkommerteelt en is ook bekend als vector van virussen die tot de Tospo-groep behoren. Een voorbeeld hiervan is tomatenbronsvlekkenvirus, maar komkommer is geen waardplant voor dit virus. Of trips komkommerbontvirus zou kunnen overbrengen is niet bekend. Net als bladluizen en trips is ook (kas) witte vlieg bekend als een vector van plantenvirussen. Deze insecten zijn dan ook in het onderzoek worden meegenomen. In een eerder uitgevoerd onderzoek bij tomaten is vastgesteld dat hommels in staat zijn om het pepinomozaïekvirus te verspreiden van plant naar plant. Echter hommels worden niet ingezet in de komkommer teelt en zijn daarom niet meegenomen in dit onderzoek.

KW - komkommerbontvirus

KW - plantenziekten

KW - waardplanten

KW - cucumis sativus

KW - komkommers

KW - insectenpathogenen

KW - gewasbescherming

KW - vectoren, ziekten

KW - glastuinbouw

KW - landbouwkundig onderzoek

KW - cucumber green mottle mosaic virus

KW - plant diseases

KW - host plants

KW - cucumis sativus

KW - cucumbers

KW - entomopathogens

KW - plant protection

KW - disease vectors

KW - greenhouse horticulture

KW - agricultural research

M3 - Report

T3 - Rapport GTB

BT - Komkommerbontvirus en overdracht via insecten

PB - Wageningen UR Glastuinbouw

CY - Bleiswijk

ER -

Stijger I, Hamelink R. Komkommerbontvirus en overdracht via insecten. Bleiswijk: Wageningen UR Glastuinbouw, 2013. 18 p. (Rapport GTB; 1275).