In memoriam dr. Anne van Wijngaarden (1925-2004)

S. Broekhuizen, V. van Laar

Research output: Contribution to journalComment/Letter to the editorAcademic

Abstract

Op 4 oktober 2004 overleed Dr. Anne van Wijngaarden op 78-jarige leeftijd in zijn huis bij Millac- Carlux, Frankrijk. Hij was een van de Nederlandse oprichters van de Vereniging voor Zoogdierkunde en Zoogdierbescherming. Nadat zijn eindexamen op de middelbare school wilde Anne aanvankelijk geologie studeren, maar toen de verplichte excursies te duur bleken, werd het biologie. Nog voordat hij doctoraal-examen had gedaan, kreeg hij een baan bij de Plantenziektenkundige Dienst. Zijn eerste opdracht bestond uit een studie van de biologie en van methodes ter bestrijding van de woelrat (Arvicola terrestris). Het onderzoek naar verspreiding, habitatkeuze, voedselkeuze en voortplantingsgedrag van twee ondersoorten of vormen van dezelfde soort, de woelrat of waterrat (Arvicola terrestris terrestris) en de molmuis (Arvicola terrestris sherman) , mondde uit in een proefschrift (1954) en vormde het begin van zijn levenswerk: geografisch-ecologisch onderzoek van Nederlandse zoogdieren. Van Wijngaarden breidde zijn studie naar de woelrat verder uit met onderzoek naar de veldmuis (Microtus arvalis), met nadruk op habitatkeuze, populatiedynamiek en intra- en interspeciefieke concurrentie. Samen met collega Herman de Vries, begon hij daarnaast met het verzamelen verspreidingsgegevens van andere kleine Nederlandse zoogdieren. Braakballen van uilen waren hierbij een belangrijke bron van informatie en samen met De Vries werd een determineertabel voorbereid voor inheemse insecteneters en knaagdieren aan de hand van schedelmateriaal. Van Wijngaarden begon tevens met het verzamelen van gegevens over de verspreiding van vleermuizen in kerkgebouwen. In 1957 stapte Van Wijngaarden over naar het Rijksinstituut voor Veldbiologisch Onderzoek ten behoeve van het Natuurbehoud (RIVON), waar hij hoofd werd van de afdeling Zoölogie. Zijn belangrijkste taak was het vullen van kennisleemten met betrekking tot de verspreiding en habitatkeuze van zoogdieren. Hij richtte zich in eerste instantie op de meeste bedreigde soorten: de das (Meles meles), de otter (Lutra lutra), de Noordse woelmuis (Microtus oeconomus) en vleermuizen die overwinteren in boomholten of in kelders of die op kerkzolders voorkomen. Hij droeg daarnaast bij aan de inventarisaties van overwinterende vleermuizen in Limburgse mergelgroeven, en nam tevens de kartering van een aantal van deze groeven ter hand. Hij gaf leiding aan vele studenten, die hem bijstonden in het verzamelen van verspreidingsgegevens van zoogdieren. Als resultaat van deze noeste arbeid verscheen in 1971 de eerste verspreidingsatlas van Nederlandse zoogdieren. Van Wijngaarden interesseerde zich niet alleen in zoogdieren zelf, maar ook in hun invloed op de vegetatie. Hij werd een van de initiators van het onderzoek in Nederland naar de effecten van begrazing door grote herbivoren in natuurterreinen en uit productie genomen akkers. Van Wijngaarden was ook een van de pleitbezorgers van herintroductie van de bever (Castor fiber) in Nederlandse rivierdelta¿s. Van Wijngaarden hield zich naast zijn onderzoek aan Nederlandse zoogdieren, ook bezig met internationale beschermingsaspecten van zoogdieren. Onder auspiciën van de IUCN deed hij onderzoek naar de monniksrob (Monachus monachus), en naar de status van de bever in Europa. In 1968 organiseerde hij een expeditie naar Spitsbergen om deel te nemen aan internationaal onderzoek naar de verspreiding en ecologie van de ijsbeer (Ursus maritimus). Hij droeg bij aan een inventarisatie van de status van bedreigde Europese zoogdieren, voor de Raad van Europa, hetgeen gepubliceerd werd als supplement van het ¿Handbuch der Säugetiere Europas¿. Hij droeg bij aan een veldgids voor de niet-vliegende zoogdieren in de bossen van de Guianas. Van Wijngaarden redigeerde daarnaast verschillende buitenlandse boeken om deze beschikbaar te maken voor het Nederlandse publiek, onder meer de ¿Guide to mammal tracks¿ van Dahlstrøm en Bang (1973) en de volumes X-XIII van Grzimeks Tierleben over zoogdieren (1973-1975). In 1985 ging Van Wijngaarden, gedwongen door de gevolgen van een tien jaar eerder opgelopen hoofdblessure, vervroegd met pensioen. Hij hield zich niet meer bezig met zoogdierkunde en werd een actief lid van de Franse Botanische Vereniging.
Original languageDutch
Pages (from-to)109-129
JournalLutra
Volume48
Issue number2
Publication statusPublished - 2005

Keywords

  • mammals
  • Arvicola terrestris
  • Meles meles
  • Lutra lutra
  • Microtus oeconomus
  • Castor fiber
  • research
  • history
  • biographies

Cite this