Grond bepalend voor bedrijfsontwikkeling melkveehouder?

J.C.A. Gielen

Research output: Contribution to journalArticleProfessional

Abstract

De intensiteit (kg melk per ha) van de Nederlandse melkveehouderij neemt nog steeds toe. Het grootste deel van de melkveehouderij voert schaalvergroting als de te hanteren strategie voor toekomstperspectief uit door verhoudingsgewijs meer in melk te investeren dan in grond. Het hoge niveau van de quotumkosten dwong ook tot kiezen in melk of grond, om met een aanvaardbare kostprijs voor te sorteren op de komende ontwikkelingen. Van invloed op de ontwikkeling van de Nederlandse melkveehouderij is zonder meer de afschaffing van het melkquotum in 2015. De discussie op welke manier dat moet worden ingevuld neemt toe. Volstrekt logisch is dat men in één adem ook de toekomstige milieuwetgeving noemt als men praat over de thema’s die de ontwikkeling van de melkveehouderij gaan bepalen. Voortzetting van derogatie is van wezenlijk belang; dit is niet alleen een zaak van goed onderhandelen, maar ook één waarbij het aandragen van harde bewijzen essentieel zal zijn. De ruimte die we mogelijk blijven behouden met de derogatie, kan worden verkleind door het streven naar fosfaatevenwichtsbemesting. Op een aantal Koeien & Kansen-bedrijven is al te zien dat de fosfaatgebruiksnormen van 2009 bepalend worden voor de af te voeren mest. Deze veehouders zijn al gestart met het verder optimaliseren van de fosforaanvoer in het voer door doelgericht te kiezen voor eiwitbronnen met een gunstige eiwit/fosforverhouding. Met het optimaal benutten van vakmanschap zijn melkproducties van 17.500 kg melk per ha mogelijk zonder mestafzet. Ook eenvoudige mestscheidingsmethodieken (dikke/dunne fractie) kunnen bijdragen aan het in evenwicht brengen van de balans. Koeien & Kansen schenkt ook hier aandacht aan. De veronderstelling is dat het uitsluitend toepassen van deze technologische oplossingen niet afdoende is en dat meer belangstelling voor het productiemiddel grond zal ontstaan. De Rabobank verwacht dat grond in het investeringspatroon van de melkveehouderij toeneemt van 12 naar 30% in de jaren tot 2015. Ook binnen Koeien & Kansen bespeuren we de tendens van het vergroten van de bedrijfsoppervlakte als de technische maatregelen onvoldoende zijn om de balans te sluiten (zie artikel ‘De veehouder vindt wegen om mestafzet te voorkomen’ van F. Aarts, M. de Haan en B. Meerkerk).
LanguageDutch
Pages1
JournalKoeien & Kansen Nieuwsbrief
Volume2006
Issue number23
Publication statusPublished - 2006

Cite this

Gielen, J.C.A. / Grond bepalend voor bedrijfsontwikkeling melkveehouder?. In: Koeien & Kansen Nieuwsbrief. 2006 ; Vol. 2006, No. 23. pp. 1.
@article{515b7d6f7d8540079571a9a07b66cd57,
title = "Grond bepalend voor bedrijfsontwikkeling melkveehouder?",
abstract = "De intensiteit (kg melk per ha) van de Nederlandse melkveehouderij neemt nog steeds toe. Het grootste deel van de melkveehouderij voert schaalvergroting als de te hanteren strategie voor toekomstperspectief uit door verhoudingsgewijs meer in melk te investeren dan in grond. Het hoge niveau van de quotumkosten dwong ook tot kiezen in melk of grond, om met een aanvaardbare kostprijs voor te sorteren op de komende ontwikkelingen. Van invloed op de ontwikkeling van de Nederlandse melkveehouderij is zonder meer de afschaffing van het melkquotum in 2015. De discussie op welke manier dat moet worden ingevuld neemt toe. Volstrekt logisch is dat men in {\'e}{\'e}n adem ook de toekomstige milieuwetgeving noemt als men praat over de thema’s die de ontwikkeling van de melkveehouderij gaan bepalen. Voortzetting van derogatie is van wezenlijk belang; dit is niet alleen een zaak van goed onderhandelen, maar ook {\'e}{\'e}n waarbij het aandragen van harde bewijzen essentieel zal zijn. De ruimte die we mogelijk blijven behouden met de derogatie, kan worden verkleind door het streven naar fosfaatevenwichtsbemesting. Op een aantal Koeien & Kansen-bedrijven is al te zien dat de fosfaatgebruiksnormen van 2009 bepalend worden voor de af te voeren mest. Deze veehouders zijn al gestart met het verder optimaliseren van de fosforaanvoer in het voer door doelgericht te kiezen voor eiwitbronnen met een gunstige eiwit/fosforverhouding. Met het optimaal benutten van vakmanschap zijn melkproducties van 17.500 kg melk per ha mogelijk zonder mestafzet. Ook eenvoudige mestscheidingsmethodieken (dikke/dunne fractie) kunnen bijdragen aan het in evenwicht brengen van de balans. Koeien & Kansen schenkt ook hier aandacht aan. De veronderstelling is dat het uitsluitend toepassen van deze technologische oplossingen niet afdoende is en dat meer belangstelling voor het productiemiddel grond zal ontstaan. De Rabobank verwacht dat grond in het investeringspatroon van de melkveehouderij toeneemt van 12 naar 30{\%} in de jaren tot 2015. Ook binnen Koeien & Kansen bespeuren we de tendens van het vergroten van de bedrijfsoppervlakte als de technische maatregelen onvoldoende zijn om de balans te sluiten (zie artikel ‘De veehouder vindt wegen om mestafzet te voorkomen’ van F. Aarts, M. de Haan en B. Meerkerk).",
author = "J.C.A. Gielen",
year = "2006",
language = "Dutch",
volume = "2006",
pages = "1",
journal = "Nieuwsbrief Koeien & Kansen",
number = "23",

}

Grond bepalend voor bedrijfsontwikkeling melkveehouder? / Gielen, J.C.A.

In: Koeien & Kansen Nieuwsbrief, Vol. 2006, No. 23, 2006, p. 1.

Research output: Contribution to journalArticleProfessional

TY - JOUR

T1 - Grond bepalend voor bedrijfsontwikkeling melkveehouder?

AU - Gielen, J.C.A.

PY - 2006

Y1 - 2006

N2 - De intensiteit (kg melk per ha) van de Nederlandse melkveehouderij neemt nog steeds toe. Het grootste deel van de melkveehouderij voert schaalvergroting als de te hanteren strategie voor toekomstperspectief uit door verhoudingsgewijs meer in melk te investeren dan in grond. Het hoge niveau van de quotumkosten dwong ook tot kiezen in melk of grond, om met een aanvaardbare kostprijs voor te sorteren op de komende ontwikkelingen. Van invloed op de ontwikkeling van de Nederlandse melkveehouderij is zonder meer de afschaffing van het melkquotum in 2015. De discussie op welke manier dat moet worden ingevuld neemt toe. Volstrekt logisch is dat men in één adem ook de toekomstige milieuwetgeving noemt als men praat over de thema’s die de ontwikkeling van de melkveehouderij gaan bepalen. Voortzetting van derogatie is van wezenlijk belang; dit is niet alleen een zaak van goed onderhandelen, maar ook één waarbij het aandragen van harde bewijzen essentieel zal zijn. De ruimte die we mogelijk blijven behouden met de derogatie, kan worden verkleind door het streven naar fosfaatevenwichtsbemesting. Op een aantal Koeien & Kansen-bedrijven is al te zien dat de fosfaatgebruiksnormen van 2009 bepalend worden voor de af te voeren mest. Deze veehouders zijn al gestart met het verder optimaliseren van de fosforaanvoer in het voer door doelgericht te kiezen voor eiwitbronnen met een gunstige eiwit/fosforverhouding. Met het optimaal benutten van vakmanschap zijn melkproducties van 17.500 kg melk per ha mogelijk zonder mestafzet. Ook eenvoudige mestscheidingsmethodieken (dikke/dunne fractie) kunnen bijdragen aan het in evenwicht brengen van de balans. Koeien & Kansen schenkt ook hier aandacht aan. De veronderstelling is dat het uitsluitend toepassen van deze technologische oplossingen niet afdoende is en dat meer belangstelling voor het productiemiddel grond zal ontstaan. De Rabobank verwacht dat grond in het investeringspatroon van de melkveehouderij toeneemt van 12 naar 30% in de jaren tot 2015. Ook binnen Koeien & Kansen bespeuren we de tendens van het vergroten van de bedrijfsoppervlakte als de technische maatregelen onvoldoende zijn om de balans te sluiten (zie artikel ‘De veehouder vindt wegen om mestafzet te voorkomen’ van F. Aarts, M. de Haan en B. Meerkerk).

AB - De intensiteit (kg melk per ha) van de Nederlandse melkveehouderij neemt nog steeds toe. Het grootste deel van de melkveehouderij voert schaalvergroting als de te hanteren strategie voor toekomstperspectief uit door verhoudingsgewijs meer in melk te investeren dan in grond. Het hoge niveau van de quotumkosten dwong ook tot kiezen in melk of grond, om met een aanvaardbare kostprijs voor te sorteren op de komende ontwikkelingen. Van invloed op de ontwikkeling van de Nederlandse melkveehouderij is zonder meer de afschaffing van het melkquotum in 2015. De discussie op welke manier dat moet worden ingevuld neemt toe. Volstrekt logisch is dat men in één adem ook de toekomstige milieuwetgeving noemt als men praat over de thema’s die de ontwikkeling van de melkveehouderij gaan bepalen. Voortzetting van derogatie is van wezenlijk belang; dit is niet alleen een zaak van goed onderhandelen, maar ook één waarbij het aandragen van harde bewijzen essentieel zal zijn. De ruimte die we mogelijk blijven behouden met de derogatie, kan worden verkleind door het streven naar fosfaatevenwichtsbemesting. Op een aantal Koeien & Kansen-bedrijven is al te zien dat de fosfaatgebruiksnormen van 2009 bepalend worden voor de af te voeren mest. Deze veehouders zijn al gestart met het verder optimaliseren van de fosforaanvoer in het voer door doelgericht te kiezen voor eiwitbronnen met een gunstige eiwit/fosforverhouding. Met het optimaal benutten van vakmanschap zijn melkproducties van 17.500 kg melk per ha mogelijk zonder mestafzet. Ook eenvoudige mestscheidingsmethodieken (dikke/dunne fractie) kunnen bijdragen aan het in evenwicht brengen van de balans. Koeien & Kansen schenkt ook hier aandacht aan. De veronderstelling is dat het uitsluitend toepassen van deze technologische oplossingen niet afdoende is en dat meer belangstelling voor het productiemiddel grond zal ontstaan. De Rabobank verwacht dat grond in het investeringspatroon van de melkveehouderij toeneemt van 12 naar 30% in de jaren tot 2015. Ook binnen Koeien & Kansen bespeuren we de tendens van het vergroten van de bedrijfsoppervlakte als de technische maatregelen onvoldoende zijn om de balans te sluiten (zie artikel ‘De veehouder vindt wegen om mestafzet te voorkomen’ van F. Aarts, M. de Haan en B. Meerkerk).

M3 - Article

VL - 2006

SP - 1

JO - Nieuwsbrief Koeien & Kansen

T2 - Nieuwsbrief Koeien & Kansen

JF - Nieuwsbrief Koeien & Kansen

IS - 23

ER -