Bossen van voorspoed en bossen van ascese; de plaats van natuur in de ruimtelijke ordening

M.G.C. Schouten

Research output: Non-textual formWeb publication/siteProfessional

Abstract

Tot in de vorige eeuw onderscheidden veel dorpen in India drie typen ‘bos’ in het buitengebied (de term ‘bos’ werd in India gebruikt voor alle niet in cultuur gebrachte gronden). Als eerste was dat de Shrivan, het ‘bos van voorspoed’ waaruit geoogst werd; dat kon min of meer natuurlijk bos zijn, maar het kon ook gaan om aanplantingen van vruchtbomen, zoals mango. Het vormde in feite een verlengde van het landbouwgebied. Hier vonden ook allerlei wilde planten en dieren een tehuis en ze werden getolereerd zolang ze geen schade toebrachten aan de oogst. Dan was er de Tapovan, het ‘bos van ascese’. Dit was het gebied waarin diegenen die in afzondering het spirituele pad wensten te gaan, zich terugtrokken. Hier vonden asceten een tehuis en werden kluizenaarsgemeenschappen (ashrams) gesticht. De heremieten die hier hun heil zochten, mochten de in het wild levende planten en dieren echter geen schade toebrengen. Ten slotte, was er de Mahavan, het ‘grote bos’. Dit behoorde de natuur geheel toe. Geen mens werd geacht het te betreden.
Original languageDutch
Place of PublicationWageningen
PublisherTOPOS
Media of outputOnline
Publication statusPublished - 2014

Keywords

  • forests
  • nature
  • landscape experience
  • philosophy

Cite this