Blijft biologische aardappelteelt in Nederland mogelijk?

M. Tiemens-Hulscher, E. Lammerts Van Bueren, A.J.T.M. Hospers-Brands, B.G.H. Timmermans, P.E.L. van der Putten, P.C. Struik

Research output: Contribution to journalArticleProfessional

Abstract

De biologische aardappelteler heeft onder Nederlandse teeltomstandigheden te maken met twee opbrengstlimiterende factoren, namelijk een beperkende nutriëntenvoorziening en de aantasting door Phytophthora infestans. Het groeiseizoen voor de biologische aardappelteelt is relatief kort. In het vroege voorjaar is er wegens de nog trage mineralisatie weinig stikstof beschikbaar, zodat het gewas traag op gang komt, terwijl het gewas meestal voortijdig moet worden gebrand wegens Phytophthora-infectie. Uit praktijk en onderzoek is gebleken dat er met teeltmaatregelen niet genoeg gedaan kan worden om de ziekte te beheersen. Wel kan met het voorkiemen van pootgoed een ontsnappingsstrategie gevolgd door te zorgen voor een acceptabele opbrengst voordat het gewas wordt geïnfecteerd. Om deze strategie succesvol te maken is het toch noodzakelijk dat er resistente rassen beschikbaar komen die aangepast zijn aan de biologische teeltomstandigheden en dus ook kunnen omgaan met een relatief laag stikstofniveau
Original languageDutch
Pages (from-to)246-250
JournalGewasbescherming
Volume38
Issue number5
Publication statusPublished - 2007

Keywords

  • potatoes
  • solanum tuberosum
  • organic farming
  • cultural methods
  • sustainability
  • nutrient availability
  • bioavailability
  • chitting
  • propagation materials
  • plant protection

Cite this