Ankerkuilbemonstering in de Westerschelde: Resultaten 2019 en meerjarenoverzichten

Research output: Book/ReportReportProfessional

Abstract

In 2019 is voor het twaalfde jaar de visbemonstering met de ankerkuil op de Westerschelde uitgevoerd in het kader van de monitoring voor de Kaderrichtlijn Water, sinds 2011 in combinatie met een identieke bemonstering op de Zeeschelde in België met hetzelfde schip en vistuig. De monitoring van vooral het pelagische visbestand is van belang in het kader van het herstel en de instandhoudingsdoelen van Natura2000, de Kaderrichtlijn Water en de monitoring van de effecten van verdieping van de vaargeul in de Schelde. De toegepaste methode is een passieve vistechniek die gebruik maakt van de getijstromen en die gericht is op pelagische soorten. Dagelijks wordt bij daglicht één vloedperiode en één ebperiode bemonsterd. Dit rapport presenteert de verzamelde gegevens van de Nederlandse bemonsteringen in mei en september 2019 en een overzicht over de totale bemonsteringsperiode. De bemonstering is gedaan met een ankerkuil. Bij deze visserijmethode wordt een net dat op vier hoekpunten met een anker verbonden is in de stroom van een viswater geplaatst. Dit gebeurt vanaf een schip dat aan datzelfde anker afgemeerd ligt. Ieder vistuig bestaat uit twee horizontale 8 meter lange balken die door een staalkabel met elkaar verbonden zijn. Hieraan zijn de verticale zijden van het net verbonden. Er kan met twee vistuigen gelijktijdig worden gevist: één aan stuurboord en één aan bakboord. Op vier locaties (Schaar van Valkenisse, Brouwersplaat, Borssele, Paulinapolder) zijn in 2019 in totaal 33 monsters genomen, 17 in het voorjaar en 16 in het najaar. Alleen bij een gunstige combinatie van wind en stroomrichting kan met beide tuigen (stuurboord, bakboord) tegelijk worden gevist, wat zowel in het voor- als najaar op de meerderheid van de stations het geval was. In 2019 zijn zowel in het voor- als najaar zeepaardjes aangetroffen in de vangsten. In het voorjaar is een zonnevis gevangen. In het najaar is bij Borssele, voor het eerst in de tijdserie, een zwartbekgrondel gevangen. Naast diverse vissoorten zijn voornamelijk veel ribkwallen aangetroffen: zeedruif (Pleurobrachia pileus) en Amerikaanse langlobribkwal (Mnemiopsis leidyi). In het voorjaar was de zeedruif abundanter en in het najaar de Amerikaanse langlobribkwal. Daarnaast is de poliepkwal Parasolletje (Eutonina indicans) aangetroffen. In het najaar werden ook exemplaren van poliepkwallen Eucheilota maculata (geen Nederlandse naam), Kruiskopkwalletje (Nemopsis bachei) en Kleine klokpoliep (Clythia hemisphaerica) aangetroffen. De vangsten van schijfkwallen volgen het reguliere patroon van voorkomen: oorkwal (Aurelia aurita) en haarkwal (Cynaea sp.) in het voorjaar, kompaskwal (Chrysaora hysoscella) en zeepaddestoel (Rhizostoma octopus) in het najaar.
Original languageDutch
Place of PublicationIJmuiden
PublisherWageningen Marine Research
Number of pages34
DOIs
Publication statusPublished - 2019

Publication series

NameWageningen Marine Research rapport
No.C104/19

Cite this