Advies Mestverwerkingspercentages 2018

Research output: Book/ReportReportProfessional

Abstract

On 1 January 2014 a system of compulsory manure treatment was introduced in the Netherlands. All livestock farmers with a manure surplus (expressed in kg phosphate) are required to have part of this manure surplus treated. Each year the Minister for Agriculture, Nature and Food Quality (LNV) determines the official manure treatment percentages per region in consultation with the agricultural organisations. These percentages are based on the results of an analysis by the Scientific Committee on the Nutrient Management Policy (CDM), which is carried out in accordance with a protocol agreed with the ministry. This report presents the results of the analysis of the calculated manure treatment percentages per region for 2018, under different assumptions. These percentages are based on an empirical analysis of the manure production per region in 2016 and an analysis of the maximum permitted manure allocation (in kg phosphate) and expected actual manure input per region in 2017. The analyses take account of the effects of redistribution of manure between farms within and between regions, and of exemptions from the compulsory manure treatment regulation. The total amount of manure to be treated in 2018 is 45 ± 5 kg phosphate. The manure treatment percentages in the ‘baseline’ variant are 10% for the region ‘Other’ (minimum manure treatment percentage), 55% for the region ‘East’, 62% the region ‘South’, and 47% for the whole of the Netherlands. Changes in the assumptions about manure production and the manure input ratio (the ratio of actual manure input, in kg phosphate, to the average total permitted phosphate input) have a large effect on the manure treatment percentages for region East (34–75%), region South (39–82%) and for the Netherlands as a whole (30–60%). Implementation of the Responsible Growth of Dairy Farming Act (Wet Verantwoorde groei melkveehouderij) in combination with the Order in Council on ‘land-based growth of dairy farming’ leads to figure for the total amount of dairy farm manure (in kg phosphate) to be treated of 5.1 million kg phosphate. In consultation with the agricultural organizations the Minister for LNV determines the manure treatment percentages per region
Original languageDutch
Place of PublicationWageningen
PublisherWettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu
Number of pages71
DOIs
Publication statusPublished - Nov 2017

Publication series

NameWOt-technical report
No.111
ISSN (Print)2352-2739

Cite this

Oenema, O. (2017). Advies Mestverwerkingspercentages 2018. (WOt-technical report; No. 111). Wageningen: Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu. https://doi.org/10.18174/429589
Oenema, O. / Advies Mestverwerkingspercentages 2018. Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu, 2017. 71 p. (WOt-technical report; 111).
@book{5e07c8655c9741909f184325a7808054,
title = "Advies Mestverwerkingspercentages 2018",
abstract = "Op 1 januari 2014 is in Nederland het stelsel ‘verplichte mestverwerking’ ingevoerd. Deze verplichting houdt in dat alle veehouders met een ‘bedrijfsoverschot’ (mestoverschot, uitgedrukt in kg fosfaat) een deel van dat overschot verplicht moeten laten verwerken. In opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) geeft de Commissie Deskundigen Meststoffenwet jaarlijks een wetenschappelijk advies over de hoogte van de mestverwerkingspercentages per regio, op basis van een door het ministerie geaccordeerd protocol. Dit rapport geeft een analyse van de mestverwerkingspercentages per regio voor het jaar 2018 bij verschillende uitgangspunten. De mestverwerkingspercentages zijn gebaseerd op een empirische analyse van de mestproductie per regio voor het jaar 2016, en een analyse van de mestplaatsingsruimte en de verwachte mestplaatsingsgraden per regio, en van de mestdistributie tussen regio’s, voor het jaar 2018. De totale mestverwerkingsopgave in 2018 is 45 ± 5 miljoen kg fosfaat. De mestverwerkings-percentages verschillen per regio en rekenvariant. In de basisvariant zijn de mestverwerkings- percentages 10{\%} voor regio ‘Overig’ (minimaal mestverwerkingspercentage), 55{\%} voor regio ‘Oost’, 62{\%} voor regio ‘Zuid’ en 47{\%} voor heel Nederland. Veranderingen in de aannames over de mestplaatsingsgraad en mestproductie hebben grote effecten op de mestverwerkingspercentages voor regio Oost (34 tot 75{\%}), regio Zuid (39 tot 82{\%}) en die voor Nederland (30 tot 60{\%}). De Wet Verantwoorde groei melkveehouderij in combinatie met de AMvB ‘grondgebonden groei melkveehouderij’ geeft een mestverwerkingsopgave voor melkveefosfaat van 5.1 miljoen kg fosfaat. De minister van LNV stelt in overleg met de landbouworganisaties de mestverwerkingspercentages per regio uiteindelijk vast",
author = "O. Oenema",
year = "2017",
month = "11",
doi = "10.18174/429589",
language = "Dutch",
series = "WOt-technical report",
publisher = "Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu",
number = "111",

}

Oenema, O 2017, Advies Mestverwerkingspercentages 2018. WOt-technical report, no. 111, Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu, Wageningen. https://doi.org/10.18174/429589

Advies Mestverwerkingspercentages 2018. / Oenema, O.

Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu, 2017. 71 p. (WOt-technical report; No. 111).

Research output: Book/ReportReportProfessional

TY - BOOK

T1 - Advies Mestverwerkingspercentages 2018

AU - Oenema, O.

PY - 2017/11

Y1 - 2017/11

N2 - Op 1 januari 2014 is in Nederland het stelsel ‘verplichte mestverwerking’ ingevoerd. Deze verplichting houdt in dat alle veehouders met een ‘bedrijfsoverschot’ (mestoverschot, uitgedrukt in kg fosfaat) een deel van dat overschot verplicht moeten laten verwerken. In opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) geeft de Commissie Deskundigen Meststoffenwet jaarlijks een wetenschappelijk advies over de hoogte van de mestverwerkingspercentages per regio, op basis van een door het ministerie geaccordeerd protocol. Dit rapport geeft een analyse van de mestverwerkingspercentages per regio voor het jaar 2018 bij verschillende uitgangspunten. De mestverwerkingspercentages zijn gebaseerd op een empirische analyse van de mestproductie per regio voor het jaar 2016, en een analyse van de mestplaatsingsruimte en de verwachte mestplaatsingsgraden per regio, en van de mestdistributie tussen regio’s, voor het jaar 2018. De totale mestverwerkingsopgave in 2018 is 45 ± 5 miljoen kg fosfaat. De mestverwerkings-percentages verschillen per regio en rekenvariant. In de basisvariant zijn de mestverwerkings- percentages 10% voor regio ‘Overig’ (minimaal mestverwerkingspercentage), 55% voor regio ‘Oost’, 62% voor regio ‘Zuid’ en 47% voor heel Nederland. Veranderingen in de aannames over de mestplaatsingsgraad en mestproductie hebben grote effecten op de mestverwerkingspercentages voor regio Oost (34 tot 75%), regio Zuid (39 tot 82%) en die voor Nederland (30 tot 60%). De Wet Verantwoorde groei melkveehouderij in combinatie met de AMvB ‘grondgebonden groei melkveehouderij’ geeft een mestverwerkingsopgave voor melkveefosfaat van 5.1 miljoen kg fosfaat. De minister van LNV stelt in overleg met de landbouworganisaties de mestverwerkingspercentages per regio uiteindelijk vast

AB - Op 1 januari 2014 is in Nederland het stelsel ‘verplichte mestverwerking’ ingevoerd. Deze verplichting houdt in dat alle veehouders met een ‘bedrijfsoverschot’ (mestoverschot, uitgedrukt in kg fosfaat) een deel van dat overschot verplicht moeten laten verwerken. In opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) geeft de Commissie Deskundigen Meststoffenwet jaarlijks een wetenschappelijk advies over de hoogte van de mestverwerkingspercentages per regio, op basis van een door het ministerie geaccordeerd protocol. Dit rapport geeft een analyse van de mestverwerkingspercentages per regio voor het jaar 2018 bij verschillende uitgangspunten. De mestverwerkingspercentages zijn gebaseerd op een empirische analyse van de mestproductie per regio voor het jaar 2016, en een analyse van de mestplaatsingsruimte en de verwachte mestplaatsingsgraden per regio, en van de mestdistributie tussen regio’s, voor het jaar 2018. De totale mestverwerkingsopgave in 2018 is 45 ± 5 miljoen kg fosfaat. De mestverwerkings-percentages verschillen per regio en rekenvariant. In de basisvariant zijn de mestverwerkings- percentages 10% voor regio ‘Overig’ (minimaal mestverwerkingspercentage), 55% voor regio ‘Oost’, 62% voor regio ‘Zuid’ en 47% voor heel Nederland. Veranderingen in de aannames over de mestplaatsingsgraad en mestproductie hebben grote effecten op de mestverwerkingspercentages voor regio Oost (34 tot 75%), regio Zuid (39 tot 82%) en die voor Nederland (30 tot 60%). De Wet Verantwoorde groei melkveehouderij in combinatie met de AMvB ‘grondgebonden groei melkveehouderij’ geeft een mestverwerkingsopgave voor melkveefosfaat van 5.1 miljoen kg fosfaat. De minister van LNV stelt in overleg met de landbouworganisaties de mestverwerkingspercentages per regio uiteindelijk vast

U2 - 10.18174/429589

DO - 10.18174/429589

M3 - Report

T3 - WOt-technical report

BT - Advies Mestverwerkingspercentages 2018

PB - Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu

CY - Wageningen

ER -

Oenema O. Advies Mestverwerkingspercentages 2018. Wageningen: Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu, 2017. 71 p. (WOt-technical report; 111). https://doi.org/10.18174/429589