SN 2.3 Bodem C in Bos (BO-53-001-030)

Project: EZproject

Project Details

Description

Monitoringsonderzoek in Nederland heeft nog geen compleet beeld gegeven van de koolstofopslag in bosbodems. Zo werd bijvoorbeeld de strooisellaag, die voor bossen heel relevant is, niet altijd meegenomen. Voor de LULUCF rapportages is het verplicht om te rapporteren over de hoeveelheid koolstof in strooisel, en hoe dit verandert in de tijd. Er is ook niet bekend hoe verschillen tussen locaties en trends kunnen worden verklaard, omdat informatie over beheer of boomsoortensamenstelling ontbrak. Die kennis is relevant voor boseigenaren om bij hun beheer rekening te kunnen houden met koolstofopslag.

 

Doel van dit project is om voor de belangrijkste Nederlandse boomsoorten op arme zandgronden betrouwbare gegevens over de voorraden koolstof in minerale bodem en strooisel te krijgen. De focus ligt op de belangrijke boomsoorten eik, berk, grove den en Douglas. Daarnaast zal dit project bijdragen aan een betere methode om metingen aan strooisel om te zetten in de geschatte hoeveelheid koolstof ten behoeve van de LULUCF-rapportage.

 

Om de benodigde gegevens te verkrijgen worden vier bodemlagen (L+F, H, 0-30 en 30-100 cm) bemonsterd op 150 steekproefpunten van het NBI (Nationale Bosinventarisatie) waarvan gegevens van beheer en boomsoortensamenstelling bekend zijn. De vastgelegde punten kunnen in de toekomst gebruikt worden om veranderingen in voorraden te onderzoeken. Van ieder monster worden de C- en N-gehalten bepaald, en van de laag van 0 - 30 cm ook de P-gehalten. Er wordt geanalyseerd welke factoren (beheer, menging, leeftijd, aanleghistorie, bodemtype) invloed hebben op de waargenomen voorraden. Literatuuronderzoek draagt in eerste instantie bij aan de selectie van meetpunten. Daarna zal dit gebruikt worden om de resultaten van dit onderzoek de duiden en toe te passen.

StatusActive
Effective start/end date1/01/2031/12/20