Monitoring schelpdier-bestanden (WOT-05-001-008, WOT-05-001-018, WOT-05-406-008, WOT-05-406-080)

Project: EZproject

Project Details

Description

Het be­leidsbesluit Schelpdiervisserij 2005-2020 vormt de basis van het beleid.

Sinds 2015 is de verplichte toetsing van nieuwe aquatische soorten voor aquacultuur in dit project ondergebracht. Met het afstoten van de aquacultuur expertise door WMR, zal bij een eventuele toetsing expertise binnen WUR moeten worden ingehuurd.

1.1.1      Projectdoelstelling

Het beleidsmatige doel van de monitoring van de schelpdierbestanden is het toespit­sen van de beperkende maatregelen voor de visserij op natuur­doelstellingen, en het kunnen volgen van de resultaten van beheersmaatregelen en de evaluatie ervan over de tijd. De monitoring­gegevens dienen met name als basis voor het inschatten van de effecten van schelpdiervisserij op het ecosysteem, waarbij de voedselreservering voor vogels één van de voornaamste overwegingen is.

1.1.2      Werkwijze

Door middel van bestandsopnamen met vaartuigen en in sommige gevallen luchtobservaties worden hoeveelheden, ruimtelijke verspreiding en samenstelling van een aantal schelpdierbestanden in de Nederlandse kustwateren en estuaria vastgelegd. Het betreft mosselbestanden (Mytilus edulis) en kokkelbestanden (Cerastoderma edule) in Waddenzee en Deltawateren en bestanden aan commer­cieel interessante soorten in de Nederlandse kustzone, zoals de halfgeknotte strandschelp (Spisula subtruncata) en de zwaardschede (Ensis sp.). Daarnaast is sinds 2011 de exotische Japanse oester (Crassostrea gigas) in de monitoring opgenomen. Sinds 2017 is het onderzoeksgebied uitgebreid met de deltawateren Veerse Meer en Grevelingenmeer. Sinds 2018 is de bestandsopname van de zwaardschede uitgebreid naar het sublitoraal van de westelijke Waddenzee, als aanvulling op, en gebruikmakend van, de door WMR en Bureau MarinX uitgevoerde jaarlijkse inventarisatie van mosselzaad in het sublitoraal van de westelijke Waddenzee in opdracht van de Producentenorganisatie van de Nederlandse mosselcultuur (PO Mossel).

Voor het onderdeel Toetsing nieuwe aquatische soorten voor aquacultuur, houdt de procedure in dat een kweker vooraf informatie geeft over het kweeksysteem en de te houden vissoort. De Minister van LNV oordeelt (mede op basis van een advies van WMR) of de aanvraag voldoende onderbouwd is en verleent daarna al dan niet de gevraagde ontheffing. Tijdens de ontheffingsperiode dient de kweker een compleet welzijnsdossier aan te leggen.

1.1.3      Projectresultaat

Het project levert schattingen over de omvang, ligging en verspreiding van verschillende schelpdierbestanden in de Nederlandse kustwateren (Noordzee, Waddenzee, Westerschelde, Oosterschelde, Veerse Meer en Grevelingenmeer) in termen van totale en oogstbare biomassa.

Voor het onderdeel Toetsing aquatische soorten voor aquacultuur wordt de verzamelde informatie tijdens de experimenteerfase in een audit beoordeeld. Een onafhankelijke deskundigencommissie beoordeelt vervolgens het dossier en het auditrapport conform het RDA advies. Bij goedkeuring komt de soort op de lijst van voor productie te houden dieren. Bij een negatief besluit en na het verstrijken van de ontheffingstermijn dient de kweek van de betreffende soort te worden stopgezet.

StatusActive
Effective start/end date1/01/0831/12/20

Research Output

Schelpdieren in het Veerse meer en Grevelingenmeer in 2019

van der Pool, J., Troost, K., van Asch, M., van Zweeden, C., van Zwol, J. & van den Ende, D., 2020, IJmuiden: Stichting Wageningen Research, Centrum voor Visserijonderzoek (CVO). 34 p. (CVO rapport; no. 19.023)

Research output: Book/ReportReportProfessional

Open Access
Open Access