AF-16204c MIP Aanpak vogelmijt (BO-47-001-045)

Project: EZproject

Description

De vogelmijt Dermanyssus gallinae (vaak bloedluis genoemd) is een groot en moeilijk te bestrijden probleem op pluimveebedrijven (legpluimveebedrijven, vermeerderingsbedrijven, opfokbedrijven). De vogelmijt kan de diergezondheid en het welzijn van de kippen behoorlijk aantasten. De economische schade als gevolg van vogelmijt op een legpluimveebedrijf bedraagt tussen de 0,50 en 1,- per hen. Voor de Nederlandse legpluimveesector komt dat neer op 18 tot 35 miljoen euro per jaar.

 

In de huidige praktijk worden veel verschillende methoden en middelen ingezet om vogelmijt te bestrijden of te beheersen. Niet altijd met veel succes of slechts met een kortdurend effect. Dat heeft o.a. te maken met het onderschatten van de ernst van het probleem en de omvang ervan. Daardoor is de timing en de wijze waarop middelen worden ingezet, niet erg effectief. Geïntegreerde plaagdierbeheersing (Integrated Pest Management, IPM) is een duurzame methode om plagen en ziekten te beheersen. De IPM maatregelen voor vogelmijt die op dit moment worden toegepast zijn beperkt tot het reinigen van stallen tussen de ronden, een aantal preventieve maatregelen (zoals het reinigen van eiertrays) en het toepassen van chemische producten of producten die de vogelmijt fysisch aantasten. Het uitvoeren van IPM voor vogelmijt op pluimveebedrijven, maar ook bewustwording van de ernst en omvang van het probleem, zal naar verwachting leiden tot een betere beheersing van deze plaag en kan mogelijk nieuwe crisissen als gevolg van het bestrijden van vogelmijt, voorkomen.

 

Dit project richt zich op: 1) het stimuleren van de implementatie van IPM voor vogelmijt op praktijkbedrijven en 2) het faciliteren van verantwoord gebruik van middelen tegen vogelmijt.

 

De implementatie van IPM voor vogelmijt op praktijkbedrijven zal gestimuleerd worden door op 20 praktijkbedrijven gedurende een jaar de stappen van IPM voor vogelmijt uit te voeren en de resultaten te vergelijken met 10 controlebedrijven. De pluimveehouders en hun erfbetreders worden hierin intensief begeleid door middel van kennisbijeenkomsten. De effecten van het uitvoeren van IPM op de bedrijven wordt gemonitord en gepubliceerd alsmede ook de kosten en baten. Op basis van de ervaringen van deze intensieve begeleiding wordt een cursus met e-learning module IPM voor vogelmijt in de pluimveehouderij opgesteld voor pluimveehouders, leerlingen van het groene onderwijs en erfbetreders. Naar verwachting leidt deze aanpak tot bewustwording van de vogelmijtproblematiek en mogelijkheden voor beheersing van de plaag, maar ook tot opname van de IPM-aanpak in het bedrijfsproces waardoor de aanpak van vogelmijt gezien gaat worden als integraal onderdeel van het houden van pluimvee.

 

Implementatie van IPM wordt eenvoudiger en makkelijker door het automatiseren van het monitoren van de plaag en het genereren van een advies voor een bestrijding. In dit project wordt de reeds ontwikkelde modellen en het adviesalgoritme getest in de praktijk. Er wordt daarbij gekeken of het gegenereerde advies correct is en of een verbeterslag nodig is van het algoritme. Omdat een correct bestrijdingsadvies ook afhankelijk is van het aantal monitoringsplaatsen en de plaats van monitoring in de stal, wordt er een wetenschappelijk onderbouwd monitorplaatsingsplan opgesteld. Dit plaatsingsplan is ook te gebruiken bij andere monitoringsmethoden dan de automatische vogelmijttellers.

 

Het aantal middelen (synthetisch en niet-synthetisch) waarmee een pluimveehouder een (grote) plaag kan bestrijden is beperkt. Daarom is er behoefte aan een grotere beschikbaarheid van toegestane middelen, kennis over hun bruikbaarheid en hun effectiviteit. Dit project omvat een stappenplan voor verantwoord gebruik van middelen tegen vogelmijt dat aansluit op een traject waarin de sector de aangewende middelen tegen vogelmijt inventariseert.

Voor verantwoord gebruik van middelen tegen vogelmijt die wel gebruikt worden maar niet geregistreerd hoeven te worden, wordt een systematiek ontwikkeld met afwegingskaders (zoals voedselveiligheid, effect op milieu, dierwelzijn en gezondheid) voor het beoordelen van die middelen. In dit project wordt samen met een certificerende instantie gekeken naar borgingsmogelijkheden voor de ontwikkelde systematiek. De betrokken partijen zullen zich gezamenlijk inzetten voor opname en borging van de systematiek in kwaliteitssystemen.

StatusFinished
Effective start/end date1/01/1831/12/19