Eiwittransitie: waar staan we en waar gaan we naartoe?

Press/Media: Expert CommentPopular

Description

Sinds eind vorig jaar heeft ons land de Nationale Eiwitstrategie. Het is een antwoord op de oproep in 2018 van de Europese Unie: om in de behoefte aan plantaardig eiwit te voorzien, moeten de lidstaten minder afhankelijk worden van de import van bijvoorbeeld soja en meer zelfvoorzienend worden.

In de Nationale Eiwitstrategie (NES) wordt het doel gepresenteerd om in de komende vijf tot tien jaar de zelfvoorzieningsgraad van nieuwe en plantaardige eiwitten op een duurzame manier te vergroten.
Wat is de huidige situatie? Volgens het Voedingscentrum haalt de Nederlander nu gemiddeld 61 % van de eiwitten uit dierlijke bronnen en 39 % uit plantaardige. De eiwitten uit dierlijke bronnen zijn niet alleen afkomstig van vlees, maar ook van bijvoorbeeld melk en eieren.

Period22 Feb 2022

Media contributions

1

Media contributions

  • TitleEiwittransitie: waar staan we en waar gaan we naartoe?
    Degree of recognitionNational
    Media name/outletEVMI
    Media typeWeb
    Country/TerritoryNetherlands
    Date22/02/22
    DescriptionSinds eind vorig jaar heeft ons land de Nationale Eiwitstrategie. Het is een antwoord op de oproep in 2018 van de Europese Unie: om in de behoefte aan plantaardig eiwit te voorzien, moeten de lidstaten minder afhankelijk worden van de import van bijvoorbeeld soja en meer zelfvoorzienend worden.

    In de Nationale Eiwitstrategie (NES) wordt het doel gepresenteerd om in de komende vijf tot tien jaar de zelfvoorzieningsgraad van nieuwe en plantaardige eiwitten op een duurzame manier te vergroten.
    Wat is de huidige situatie? Volgens het Voedingscentrum haalt de Nederlander nu gemiddeld 61 % van de eiwitten uit dierlijke bronnen en 39 % uit plantaardige. De eiwitten uit dierlijke bronnen zijn niet alleen afkomstig van vlees, maar ook van bijvoorbeeld melk en eieren.
    Producer/AuthorMischa Brendel
    URLhttps://www.evmi.nl/artikelen/eiwittransitie-waar-staan-we-en-waar-gaan-we-naartoe
    PersonsIngrid van der Meer